Artritis

 

Artritis.
Reuma is een verzamelnaam voor gewrichtsaandoeningen, het wordt omschreven als een pijnlijke, niet-traumatische aandoeningen van het bewegingsapparaat. Reuma komt voor bij 1 à 2 % van de bevolking.
Reumatoïde artritis is een auto-immuunziekte waarbij de membranen en slijmbeurzen rond de gewrichten zijn ontstoken. Auto-immuunziekten kunnen ontstaan doordat het immuunsysteem lichaamseigen cellen als lichaamsvreemd aanziet en daar antistoffen tegen vormen. TNF-alfa speelt bij het ontstaan van reumatoïde artritis een essentiële rol. Bij auto-immuunziekten speelt de erfelijk aanleg een rol.
Gewrichtsklachten kunnen ook ontstaat als reactie op een infectie elders in het lichaam, dit wordt een reactieve artritis genoemd. Zowel bij het ontstaan van reumatoïde artritis als een reactieve artritis spelen infecties van de darm, de samenstelling van de darmflora en voeding een belangrijke rol.

 

Reuma: pijnlijke, niet-traumatische aandoeningen van het bewegingsapparaat.
1. Systemische bindweefselziekten: reumatoïde artritis, SLE, sclerodermie.
2. Spondylartropathieën: spondylitis ankylopoetica, syndroom van Reiter.
3. Reactieve artritis.
4. Artrose.
5. Metabole en endocriene ziekten: jicht en pseudo-jicht.
6. Neurovasculaire aandoeningen: neurologische compressiesyn­dromen.
7. Bot- en kraakbeenaandoeningen: osteoporose.

 

Immuunsysteem
Dieren en mensen komen voor de geboorte niet in aanraking met bacteriën. Tijdens de bevalling komt de baby in contact met de ontlasting van de moeder en wordt de darm geënt met darmvriendelijke bacteriën.  Ook via moedersmelk wordt de darm ban de baby geënt met bacteriesoorten zoals bifidobacteriën. De darm van volwassenen bevat 1½ kg gunstige bacteriën. Recentelijk is gebleken  hoe essentieel de aanwezigheid van deze bacteriën is voor het lichaam, zij leveren een grote bijdrage tot het instant houden van een gezonde immuun respons.
De darm en de microflora kunnen een rol spelen in het ontstaan van auto-immuunziekten. In het medische tijdschrift J. of Autoimmunology treft men in 2009 een publikatie aan over de relatie tussen de darmflora1 en het immuunsysteem. “Verstoring van de dialoog die plaatsvindt tussen de darmbacteriën en het immuunsysteem”, schrijven de auteurs, “kunnen leiden tot auto-immuunziekten zoals de ziekte van Crohn en reumatoïde artritis”. De darmflora en tal van schadelijke darmbacteriën en bacteriële fragmenten kunnen een reactieve artritis en ontstekingen aan het weefsel rond de gewrichten veroorzaken.

 

Begint het in de darm?
Dat darmaandoeningen gewrichtontstekingen kunnen veroorzaken is lang niet bij iedereen bekend, het blijkt dat 25% van de gewrichtsontstekingen ontstaan na een darminfectie. In Nederland raadplegen per jaar ongeveer een half miljoen personen de huisarts voor darmklachten. Een deel van deze klachten zijn ontstaan door een infectie met parasieten, bacteriën of virussen. Rauw vlees, vis en kip, maar ook salades zoals met de hand bereide eier-, bieten-, rijst- of aardappelsalade kunnen schadelijke bacteriën bevatten. Schadelijke E. coli, Campylobacter, Salmonella en Shigella spp. kunnen een voedselvergiftiging veroorzaken. Engels onderzoek van de ontlasting van 3,738 patiënten2 die af en toe darmklachten hadden, wees uit dat 543 monsters positief waren op Campylobacter spp. Bij darmontstekingen is een Campylobacter infectie in 40% van de gevallen de oorzaak, Salmonella in 34%, E.coli, Yersinia in 10% en Shigella spp. in 4% .
Het tijdschrift Reumatologie publiceerde een artikel in 2008 over de relatie tussen darmbacteriën3 en reuma.  Zij vonden een afname van de gezonde bifidobacteriën en een toename van specifieke  bacteriën soorten van het geslacht: Bacteroïdes, Eubacterium en Clostridium. 

 

Testen
Bij gewrichtsklachten wordt via laboratoriumtesten bepaald of de waarde van bezinking en C-reactive proteïne (CRP) in het bloed verhoogd zijn.
Bij mensen met reumatoïde artritis kan men reumafactoren in het bloed aantreffen. Reumapatiënten vormen het eiwit cyclic citrullinated peptide, CCP, in reactie hierop produceert het lichaam anti-CCP; deze stof is in het bloed te meten.
Het stukje DNA dat een rol speelt in auto-immuunziekte, wordt aangeduid met HLA,  Humaan Leukocyten Antigen, deze informatie is aanwezig in op alle lichaamscellen, behalve op de rode bloedcellen.
Mensen met reactieve artritis zijn in 80% van de gevallen HLA-B27 positief, tegenover 8% van de totale  bevolking. Deze factor is te bepalen.

 

Voeding
De relatie tussen voeding en reumatoïde of reactieve artritis verdient veel aandacht. Ook speelt voeding een belangrijke rol in het verloop van andere auto-immuunziekten zoals lupus erythematosus en  Sjögren's syndroom.
Een Engelse onderzoeksgroep stelde zich in 20094 de vraag Is rheumatoid arthritis a disease that starts in the intestine? Het antwoord luidde: ja, mogelijk is er een relatie met voedselallergieën. De onderzoekers komen tot de conclusie dat een aangepast dieet evenveel succes had bij reumapatiënten als corticosteroïden. Ochtendstijfheid, hoge bezinging en C-reactive proteïne waarden verbeterden in beide groepen op gelijke wijze. De conclusie luidde dat reumatoïde artritis een oorzaak kan vinden in darm via voedselallergieën.
Vervanging van rood vlees door vette vis5 heeft in beperkte mate een gunstig effect. Een glutenvrij dieet6 veroorzaakt een afname van gewrichtsklachten. Eliminatie van suiker en zetmeelrijke7 voeding en toename van de consumptie van groenten hebben een gunstig effect.
Vitamine D en vitamine E toediening hebben een gunstige werking op het immuunsysteem. Een hoge inname verlaagt de kans op het ontstaan van artritis. Patiënten met een artritis reageerden goed op gebruik van glucosaminen8 in de zin van afname van pijn, verbetering van dagelijkse activiteiten en afname van zwelling. Bij reumapatiënten werden deze verbeteringen niet waargenomen. Roken heeft een ongunstig effect op het verloop van gewrichtsklachten.

 

Darmflora analyse
Een darmfora-analyse kan worden aangevraagd bij een gespecialiseerd laboratorium, zoals MGlab&Advies. De patiënt ontvangt een verzamelbuisje en een verzendpakket; men vangt ontlasting thuis op aan het begin van de week en stuurt dit monster direct op naar het laboratorium. Daar wordt de ontlasting onderzocht op vertering, de hoeveelheden gunstige darmbacteriën, zoals  Escherichia coli, Lactobacillus, Enterococcus en Bifidobacterium spp.
Een ontlastingsanalyse kan overgroei met  gisten en schimmels opsporen. MGlab&Advies legt zich toe op het meten van ontstekingsproducten in de ontlasting en gentechnieken voor het aantonen van parasieten. Wanneer aangevraagd door een arts worden de analyses vergoed.

 

Herstel van de microflora.
Lactobacillus, E.coli en Bifidobacterium soorten zijn ook beschikbaar als supplement, zg. probiotica. Melkzuur producerende darmbacteriën9 werken, wanneer toegediend als probioticum, stimulerend op het immuunsysteem en zijn ontstekingsremmend. Gebruik kan gewrichtsontstekingen afremmen. Een dubbelblinde gerandomiseerde pilotstudie toonde aan dat gebruik van yoghurt dat Lactobacillus GG10 (LGG) ontstekingen van de gewichten tegen gaat.


Achtergrond informatie: MHC - HLA
HLA betekent Human Leucocyte Antigen, dit is onderdeel van het MHC, Major Histocompatibility Complex. Met deze termen wordt een specifiek gen, een stukje DNA aangeduid. Dit gen stuurt de  respons van de witte bloed lichaampjes aan. Alle cellen bevatten dit
gen (behalve de rode bloedlichaampjes dat geen DNA bevat).
Text Box:  HLA complex, de cel produceert daarop specifieke eiwitmoleculen die
op het oppervlak van de cel gepresenteerd, als antigeen. De oppervlakte moleculen worden ook met MHC of HLA aangeduid, hetgeen verwarrend kan zijn.
Afwijkingen in de DNA code van dit gen veroorzaakt auto-immuunziekten. Lees verder.

 

MHC klasse I en klasse II moleculen
Er zijn 2 soorten MHC: klasse I en klasse II.
MHC klasse I moleculen komen voor op alle cellen en presenteren antigenen zodat ze herkend kunnen worden door cytotoxische lymfocyten. Receptoren van gespecialiseerde lymfocyten, witte bloedlichaampjes, herkennen de oppervlakte moleculen en kunnen van
het oppervlak ‘aflezen’ met welke virus of bacterie de cel in contact is gekomen. De lymfocyten die de juiste receptor hebben, passen op oppervlakte MHC molecuul (antigeen) en scheiden stoffen uit om de bacterie en virus uit de weg te ruimen.
MHC klasse II moleculen ontstaan als respons op eiwitten die worden opgenomen.  Zij worden herkend door T helper cellen, die groei en herstel reguleren. De T helper cellen produceren boodschappers die de ontstekingsrespons kunnen bevorderen of afremmen.

 

Auto-immuniteit
Het immuunsysteem reageert niet alleen op vreemde stoffen, maar ook op lichaamseigen stoffen. Auto-immuniteit is een onderdeel van het normale functioneren van het immuunsysteem, ‘natuurlijke auto-immuniteit’. Dit speelt een rol in bescherming tegen schadelijk cellen zoals kankercellen.
Een belangrijke factor in de ontwikkeling van een gezond immuunsysteem is het doormaken van virale, bacteriële en parasitaire infecties essentieel zijn voor de ontwikkeling van het immuunsystemen, dat door gebruik van antibiotica en vaccinaties het lichaam geen optimale immuunrespons heeft ontwikkeld waardoor auto-immuunziekten kunnen ontstaan.

 

Genetische informatie en polymorfisme
Een te heftige auto-immuunrespons veroorzaakt schade aan organen. Mensen die gevoelig zijn voor het ontwikkelen van auto-immuunziekten, dragen bepaalde genetische informatie bij zich in de vorm van HLA factoren.
De HLA factoren zijn erfelijk, maar een ziekte hoeft niet tot uiting te komen. Een ziekte komt tot uiting door beschadiging van de genetische informatie, dan kan aangeboren zijn maar ook verworven. Schade aan de genen kan later in het leven ontstaan door contact met chemische stoffen, roken, ongezonde voeding, oxidatieve stress, infectie met specifieke bacteriën zoals Klebsiella en Campylobacter spp. Een beschadigd HLA gen bevat mutaties van de DNA code, men noemt dat een polymorfisme. Door DNA schade ontstaan er al het ware spelfouten, waardoor afwijkende informatie wordt doorgeven. Zo ontstaat bijvoorbeeld een verkeerde reactie op bacteriën of een te grote productie van pro-infectie boodschappers.

 

Auto-immuunziekten
Er zijn tal van mechanisme betrokken bij het ontstaan van auto-immuunziekten.
●  Afwijkende respons van B en  T cellen.
● Imitatie: een antigeen, stukje eiwit bijvoorbeeld van een bacterie, kan structureel lijken op lichaamsweefsel, waardoor dit weefsel wordt aangevallen.
● Kruisreactie: een kruisreactie is mogelijk tussen een antilichaam en een lichaamsreceptor. In dat geval wordt de receptor van het weefsel aangezien voor een virus of bacterie.
● Macrofagen: deze immuuncellen spelen een belangrijke rol in het aanbieden van antigenen om op die manier lymfocyten te activeren. Macrofagen die defect zijn kunnen lymfocyten aanzetten tot activiteit en een afname van zelftolerantie.
● Cytokinen: boodschappers worden aangezet door T helper cellen, deze respons hoort bij een MHC klasse II reactie. Een hyperrespons gaat gepaard met een toename van pro-infectie cytokinen, zoals TNF/alfa.

 

Klasse II ziekten
Reumatoïde artritis is niet erfelijk, hoewel de ziekte soms vaker in sommige families voorkomt. De aandoening wordt in verband gebracht met een afwijking van HLA type DRB-1.  
Het HLA-D gen behoort tot MHC klasse II. Via stimulatie van T- helper cellen worden pro-infectie boodschappers zoals TNF-alfa gevormd deze tasten de weefsel rond de gewrichten aan.

 

Klasse  Iziekten.
HLAB27 behoort tot klasse I. Bij reactieve artritis speelt beschadiging van HLA-B27 een rol, de oorzaak is bacterieel. Een spelfout in HLA-B27 uit zich door een afwijking in cysteine in positie 67 van de alfa 1 helix.  De eliminatie van bacteriën die een reactieve artritis kunnen veroorzaken wordt verstoort. 
De HLA-B27 oppervlakte moleculen activeren T lymfocyten die een kruisreactie aangaan met bacteriën en een auto-immuun respons oproepen.HLA-B27 is bij 8% van de gezonde bevolking aanwezig, terwijl mensen met een reactieve artritis voor 80% deze factor hebben.

  •  MHC Class-I

                        HLA-A:          EBV-positief, Hodgkin, multiple sclerosis
HLA-B:          Reactieve artritis, coeliakie, z. van Crohn
HLA-C:          Psoriasis
HLA-G:          Zwangerschapscomplicaties

  • MHC Class-II

HLA-DR:       Coeliakie, colitis ulcerosa, z. v. Crohn, diabetes I, psoriasis artritis, Sjogren, sacoidosis
HLA-DRB     Chronische lever cirrose, reumatoïde artritis, multiple sclerosis
HLA-DQ:       Coeliakie

 

 

 

 

Referenties:

1. Round JL, O'Connell RM, Mazmanian SK. Coordination of tolerogenic immune responses by the commensal microbiota. J Autoimmun. 2009 Dec 4.

2. Lawson AJ, Logan JM, O'neill GL, Desai M, Stanley J. Large-scale survey of Campylobacter species in human gastroenteritis by PCR and PCR-enzyme-linked immunosorbent assay. J Clin Microbiol. 1999 Dec;37(12):3860-4.

3.  Vaahtovuo J, Munukka E, Korkeamäki M, Luukkainen R, Toivanen P.

Fecal microbiota in early rheumatoid arthritis. J Rheumatol. 2008 Aug;35(8):1500-5. Epub 2008 Jun

4. Podas T, Nightingale JM, Oldham R, Roy S, Sheehan NJ, Mayberry JF. Is rheumatoid arthritis a disease that starts in the intestine? A pilot study comparing and elemental diet with oral prednisolone.  Postgrad Med J. 2007 Feb;83(976):128-31.

5.  Calder PC, Albers R, Antoine JM, Blum S, Bourdet-Sicard R, Ferns GA, Folkerts G, Friedmann PS, Frost GS, Guarner F, Løvik M, Macfarlane S, Meyer PD, M'Rabet L, Serafini M, van Eden W, van Loo J, Vas Dias W, Vidry S, Winklhofer-Roob BM, Zhao J. Inflammatory disease processes and interactions with nutrition.Br J Nutr. 2009 May;101 Suppl 1:S1-45.

6. Hafström, B. Ringertz, A. Spångberg, L. von Zweigberg, S. Brannemark, I. Nylander, J. Rönnelid, L. Laasonen L. Klareskog1. A vegan diet free of gluten improves the signs and symptoms of rheumatoid arthritis: the effects on arthritis correlate with a reduction in antibodies to food antigens Arthritis Res Ther. 2008;10(2):R34. Epub 2008 Mar 18.

7. Rashid T, Ebringer A, Tiwana H, Fielder M Role of Klebsiella and collagens in Crohn's disease: a new prospect in the use of low-starch diet. Eur J Gastroenterol Hepatol. 2009 Aug;21(8):843-9.

8. Matsuno H, Nakamura H, Katayama K, Hayashi S, Kano S, Yudoh K, Kiso Y. Effects of an oral administration of glucosamine-chondroitin-quercetin glucoside on the synovial fluid properties in patients with osteoarthritis and rheumatoid arthritis. Biosci Biotechnol Biochem. 2009 Feb;73(2):288-92.
9. Lomax AR, Calder PC.Probiotics, immune function, infection and inflammation: a review of the evidence from studies conducted in humans. Curr Pharm Des. 2009;15(13):1428-518.
10.Baharav E, Mor F, Halpern M, Weinberger A. Lactobacillus GG bacteria ameliorate arthritis in Lewis rats.J Nutr. 2004 Aug;134(8):1964-9.

 

 

 

Pagina Top arrow