Blastocystis Hominis

Inleiding
Blastocystis hominis is een fascinerende parasiet, die ongelofelijk vaak voorkomt bij mens en dier. Meer dan 4 miljoen Nederlandse inwoners dragen de parasiet bij zich. Onderzoek van het Rijksinstituut voor volksgezondheid en milieu, RIVM1 geeft aan dat 40% van de volwassen tussen de 15 en de 50 jaar in Nederland Blastocysten in de darm heeft.  De groep van 5 tot 14 jaar en mensen boven de 50 jaar zijn voor 30% besmet. Blastocystis hominis was bij 73% van de PDS2 patiënten met diarree aanwezig (27% in de controle groep).
De typische Blastocystis hominis lijkt op een lege cel. De naam geeft dit ook weer, want blasto betekent kiem, cyste is een holte (hominis = van de mens). De parasiet is aan te tonen door middel van een gewoon ontlastinguitstrijkje, dat in elk laboratorium kan plaatsvinden, TFT of DNA-analyse.

Subtype
Deze parasiet werd  tot voor kort als apathogeen beschouwd. Tal van studies geven aan dat besmetting klachten veroorzaakt. Blastocystis is genetisch gezien zeer divers. Recentelijk werden Blastocystis isolaten van mensen, zoogdieren en vogels ingedeeld in negen subtypes, ST1 tot ST9, sindsdien is nog een 10de type (ST10 ) geïdentificeerd bij primaten en zoodieren.
De controverse rond de schadelijkheid van Blastocystis hominis wordt voor een deel veroorzaakt door de variatie in virulentie van deze subtypes3. Blastocystis subtype 3 komt het meest voor bij patiënten die geen klachten hebben en subtype 1 bij mensen met klachten. Type 2 komt mogelijk vaker voor bij mensen met jeuk4.
De analyse van subtypen is in de kliniek nog niet beschikbaar.

Klachten
Een derde van de besmette mensen heeft symptomen. Op basis van een ruime voorraad publicaties is het voor zeker aan te nemen dat Blastocystis problemen kan veroorzaken.

Het meest kenmerkend van een Blastocystis hominis besmetting is een enorm opgezette buik en winderigheidDaarnaast kan ook pijn, diarree, misselijkheid, vermoeidheid, jeuk, slapeloosheid en zelfs koorts optreden. De parasiet kan het darmslijmvlies irriteren, maar ook infecties veroorzaken door bacteriën over te dragen. De jeuk ontstaat door een allergische reactie op de parasiet.
Blastocysten produceren net als andere eencellige darmparasieten alcohol en acetaldehyde, stoffen die bijdragen tot het opzetten van de buik en vermoeidheid. Een opmerkelijk fenomeen is dat Blastocystis hominis en Dientamoeba fragilis vaak in elkaars gezelschap zijn te vinden.
De vondst van Blastocystis hominis is dan ook geen bewijs dat eventueel aanwezige klachten door dit organisme worden veroorzaakt.

Hoe ziet Blastocystis hominis er uit?
Blastocysten kunnen leeg en daardoor onschadelijk lijken. Onder de microscoop ziet men een ronde witte cel, die op een gistcel of een candidacel lijkt. Het heeft tientallen jaren geduurd voordat definitief werd bepaald dat Blastocystis een parasiet is. Het is merkwaardig dat deze conclusie zo lang op zich liet wachten, want Blastocystis hominis heeft typische parasieteneigenschappen. Zij zijn alleen te kweken op een medium voor parasieten, vormen cysten (een typische eigenschap van parasieten) en zijn alleen weg te krijgen met parasietdodende medicijnen.
Er zijn verschillende genetische variaties van Blastocystis hominis. Zij kunnen allerlei verschijningen aannemen. De gistvorm of de gekorrelde vorm komen het meest voor. Zij variëren van klein tot reusachtig; de afmetingen liggen ergens tussen de 2 μm en de 100 μm . Blastocysten kunnen zelfs de vorm van amoeben aannemen. Zij lijken dan zoveel op witte bloedlichaampjes dat zij daar nauwelijks van te onderscheiden zijn. Deze vorm wordt echter zelden gezien.

Diagnose
De diagnose van parasieten kan worden gesteld door herkenning van de cystenvorm in de ontlasting. Cysten worden gemiddeld om de vier tot acht dagen uitgescheiden en zijn daarom niet altijd aanwezig in de ontlasting; in ongewone gevallen verschijnen de cysten zelfs maar eens in de twintig dagen en dan wordt het erg moeilijk om ze te vinden.
In Nederland wordt de parasiet op dit ogenblik op twee manieren aangetoond:
a. Door middel van de TFT
b. DNA-test, de qPCR

Voeding
De eerste stap in de goede richting is verandering van de voeding. Consumptie van zoetigheid en zetmeel veroorzaakt klachten, want fermentatie van suikers draagt bij tot het opzetten van de buik. De parasiet bevat opgestapelde koolhydraten die voor groei worden gebruikt. Wanneer er geen suiker, brood, aardappelen en pasta wordt gebruikt bij de maaltijd, wordt de celdeling afgeremd en de buik rustiger. Deze manier van eten wordt ook aangeduid met het anti-Candida dieet, maar dan werkelijk zonder zuurdesembrood, rijst, pasta, sappen en zetmeelrijke producten.
Maar de parasiet verdwijnt niet door zetmeelarme voeding, daar zijn medicijnen voor nodig. Omdat deze echter vaak niet aanslaan, kan voeding een belangrijke bijdrage leveren en behandeling tot een succes maken. Voeding en medicijnen werken dus aanvullend op elkaar.

Samenvatting
Blastocystis hominis is een gistachtige cel en veroorzaakt een opgezette buik. Naar schatting heeft meer dan 25% van de wereldbevolking Blastocystis hominis in de darm. De opsporing kan door middel van microscopisch onderzoek of een DNA-test.
De meeste vormen van Blastocystis hominis zijn onschadelijk, maar er zijn ook vormen die klachten veroorzaken. Een derde van de besmette personen heeft last van de buik, misselijkheid of jeuk.
De klachten van besmetting komen in grote mate overeen met PDS-klachten: prikkelbaar darmsyndroom. De auteur Yakoob2 geeft aan dat klachten veroorzaakt door zowel Dientamoeba fragilis als Blastocystis hominis besmetting onder PDS criteria vallen
Het bewijs dat deze parasiet vaak klachten veroorzaakt, wordt geleverd door het verdwijnen van de symptomen na een geslaagde kuur.

Referenties

1.Interim-rapportage van onderzoek naar gastro-enteritis in huisartsenpeilstations (NIVEL) 1996-1999. Resultaten van de eerste twee jaar
Wit MAS de ; Koopmans MPG ; Kortbeek LM ; Leeuwen WJ van ; Vinje J ; Duijnhoven YTPH

2. Yakoob J, Jafri W, Beg MA, Abbas Z, Naz S, Islam M, Khan R.
Irritable bowel syndrome: is it associated with genotypes of Blastocystis hominis. Parasitol Res. 2010 Apr;106(5):1033-8. Epub 2010 Feb 23.

3. Eroglu F, Genc A, Elgun G, Koltas IS. Identification of Blastocystis hominis isolates from asymptomatic and symptomatic patients by PCR. Parasitol Res. 2009 Nov;105(6):1589-92. Epub 2009 Aug 15.

4. Vogelberg C, Stensvold CR, Monecke S, Ditzen A, Stopsack K, Heinrich-Gräfe U, Pöhlmann C. Blastocystis sp. subtype 2 detection during recurrence of gastrointestinal and urticarial symptoms. Parasitol Int. 2010 Sep;59(3):469-71. Epub 2010 Apr 2.

1 μ = 0,001 millimeter

Pagina Top arrow