Dientamoeba Fragilis

 

Inleiding
Chronische buikklachten kunnen duiden op een infectie met darmparasieten,
protozoa, organismen die uit slechts één enkele cel bestaan.
De twee dikke darmparasieten die in Nederland het meeste voorkomen, zijn
Dientamoeba fragilis en Blastocystis hominis. Vaak worden zij beide aangetroffen.
Giardia lamblia en Cryptosporidim spp. komen voor in de dunne darm en kunnen worden aangetoond door middel van een ELISA.
De parasitologische gentechnieken, PCR, worden door veel laboratoria uitgevoerd.

Klachten
Klachten die door darmparasieten kunnen worden veroorzaakt, zijn: diarree, buikpijn, een buik die de indruk wekt dat men 7 maanden zwanger is, misselijkheid, eczeem of huidklachten. Bij veel mensen met Dientamoeba fragilis staan buikklachten en diarree lang niet altijd voorop, zij zijn vaak vermoeid. Infectie met parasieten is te herkennen doordat de ontlasting wisselend van structuur is. Wanneer om de vier tot tien dagen normaal gevormde ontlasting wordt afgewisseld met een brij, is de kans groot dat er parasieten in de darm aanwezig zijn. Dat zijn ook de dagen dat men de ontlasting moet verzamelen voor een test.
Besmetting vindt niet alleen plaats tijdens vakanties in het buitenland, in de meeste gevallen loopt men een infectie op in de eigen omgeving. Je kunt besmet raken via voeding maar nog vaker door contact met vrienden en familieleden die parasieten dragen. Je kunt parasieten opdoen op het werk, op school of op de peuterspeelzaal.

Diagnostiek Triple Feces Test
Om de parasieten te conserveren, wordt gebruik gemaakt van een speciale gefixeerde vloeistof, de Triple Feces Test, TFT. Men verzamelt de ontlasting op 3 opeenvolgende dagen. Bij gebruik van deze techniek kunnen zowel cysten als trofozoieten (de levende vorm) van de darmparasiet worden aangetoond.
De test is speciaal ontwikkeld voor het aantonen van Dientamoeba fragilis, een parasiet die zeer snel afsterft buiten het lichaam en geen cysten vormt. Dientamoeba fragilis iseen pathogeen, er zijn de afgelopen vijftig jaar honderden publicaties verschenen over de schadelijkheid. Ook in het Nederlandse Tijdschrift voor Geneeskunde verschenen artikelen over Dientamoeba fragilis1.

DNA-analyse
Recentelijk zijn gentechnieken ontwikkeld voor het aantonen van parasieten. Het DNA van de parasiet kan worden aangetoond in de ontlasting. DNA is het erfelijke materiaal dat aanwezig is in elke cel en kenmerkend is voor het organisme. Voor het aantonen van het organisme wordt gebruik gemaakt van de PCR-reactie, lees verder…..

[Link PCR is de afkorting voor Polymerase Chain Reaction. In principe komt het er op neer dat een heel specifiek stukje van het DNA van het gezochte organisme wordt vermenigvuldigd waarna het te detecteren is. De techniek staat bekend om zijn gevoeligheid omdat hele kleine hoeveelheden van het doel DNA worden vermenigvuldigd en aangetoond kunnen worden. Het voordeel van de PCR is dat al het DNA in het monster wordt opgepakt, zowel van dode als levende organismen.
De PCR-reactie bestaat uit drie verschillende fasen waarbij verschillende temperatuurstappen een cruciale rol spelen. De reactie vindt plaats in een gebufferde mix van geïsoleerd DNA, het enzym Taq polymerase, de losse basen A, T, C en G en de primers. Voordat de PCR wordt ingezet moet het DNA geïsoleerd worden uit de ontlasting. Na isolatie wordt de PCR-mix voorbereid en wordt het geïsoleerde DNA toegevoegd. Nu kan de PCR-reactie in gang gezet worden:
De eerste stap is het verbreken van de dubbele helix waaruit DNA bestaat. Hierdoor ontstaat enkelstrengs DNA. Deze reactie vindt plaats bij 95°C. Daarna wordt de temperatuur in het apparaat naar beneden gebracht (50-60°C) waardoor enkelstrengs stukjes gesynthetiseerd DNA, primers, kunnen hechten op de plek die heel specifiek uitgezocht is. De primers overlappen het begin en het eind van het specifieke fragment dat gekopieerd moet worden. Voor het verlengen van de rest van het fragment wordt de temperatuur verhoogd naar 72°C zodat het enzym polymerase zijn werk kan doen. Het enzym verlengt de keten vanaf het uiteinde van de primer met de complementaire basen (A, T, G en C). Nu is er weer een dubbelstrengs stukje DNA ontstaan. Door de cyclus van uit elkaar halen van DNA, hechten van primers en verlengen van de streng te herhalen, ontstaat er een exponentiële groei van het aantal kopieën in de oplossing.
Voor het aantonen van de specifieke DNA-fragmenten zijn meerdere analysemethoden mogelijk. De laatste ontwikkeling op PCR-gebied is het zichtbaar maken van DNA-fragmenten met behulp van fluorescentie, waarbij de toename van een fluorescerende stof gelijk staat aan de toename van in stukjes gekopieerd DNA-fragment. Deze methode is heel gevoelig en nauwkeurig.

dfragilis
Einde link]

 

Chronische vermoeidheid en darmparasieten
Een chronische infectie door darmparasieten kan vermoeidheid veroorzaken. Bij een Giardia lamblia infectie staat diarree voorop. De parasiet vormt cysten die worden uitgescheiden in de ontlasting en relatief gemakkelijk zijn op te sporen. Blastocystis hominis besmetting veroorzaakt - ondanks het feit dat de parasiet als onschadelijk wordt geduid - in 8.7% gevallen buiklachten of vermoeidheid.. De cysten van deze parasieten kunnen in verse ontlasting worden aangetoond, ook is de gentechniek, PCR ontwikkeld. Door gebruik van gentechnieken is recentelijk gebleken dat er subtypen bestaan die klachten kunnen veroorzaken.
De besmetting met de eencellige parasiet Dientamoeba fragilis veroorzaakt vaak een opgezette buik, een wisselend ontlastingspatroon en vooral bij kinderen buikpijn; men kan ook last hebben van moeheid en huid- of gewrichtsklachten. Dientamoeba fragilis is de meest voorkomende schadelijke dikke darmparasiet.
Bij een wisselend ontlastingspatroon of vermoeidheid is het aan te bevelen de ontlasting te laten onderzoeken op darmparasieten. Je kunt een infectie oplopen in Nederland, via het toilet of door contact met dragers van parasieten. Risico op besmetting wordt verhoogd wanneer men beroepsmatig met ontlasting in aanraking komt zoals verpleging, verzorging van kleine kinderen, ouderen en psychiatrische patiënten, loodgieters, afvalverwerkers of personeel van (lucht)havens en schepen. Vaak zijn meerdere personen binnen een gezin besmet.
In Nederland draagt 17% - 37% (de aantallen variëren per studie) van de personen met matige darmklachten Dientamoeba fragilis bij zich.
MGlab&Advies verzorgt een qPCR op Dientamoeba fragilis. Daar de parasiet niet elke dag wordt uitgescheiden, is het ook bij deze test mogelijk dat de diagnose gemist wordt. Het is daarom wenselijk om tijdens een toename van klachten op twee opeenvolgende dagen ontlasting te verzamelen en op te sturen naar het laboratorium.

 

Referentie
1. Van Gool T, Dankert J. 3 emerging protozoal infections in The Netherlands: Cyclospora, Dientamoeba, and Microspora infections] Ned Tijdschr Geneeskd. 1996 Jan 20;140(3):155-60. Review. Dutch

2. Stark DJ, Beebe N, Marriott D, Ellis JT, Harkness J. Dientamoebiasis: clinical importance and recent advances. Trends Parasitol. 2006 Feb;22(2):92-6. Epub 2005 Dec 273

3. Jaco J Verweij, Bert Mulder, Bregje Poell, Dorien van Middelkoop, Eric A T Brienen, Lisette van Lieshout. Real-time PCR for the detection of Dientamoeba fragilis in fecal samples.  Mol Cell Probes. 2007 May 29; : 17587544

4 Rayan HZ, Ismail OA, El Gayar EK. J Egypt Soc Parasitol. 2007 Aug;37(2):599-608 Prevalence and clinical features of Dientamoeba fragilis infections in patients suspected to have intestinal parasitic infection

5. Bruijnesteijn van Coppenraet LE, Wallinga JA, Ruijs GJ, Bruins MJ, Verweij JJ. Parasitological diagnosis combining an internally controlled real-time PCR assay for the detection of four protozoa in stool samples with a testing algorithm for microscopy Clin Microbiol Infect. 2009 Jul 14

6. Schuster H, Jackson B Mr. Prevalence of Dientamoeba fragilis amongst patients consulting complimentary medicine practitioners in the British Isles J Clin Pathol. 2008 Oct 24

 

 

Pagina Top arrow